Le Mans, 4 december 2020
Het volk, dat in duisternis wandelt,
zal een groot licht zien.
Jesaja 9,1
Beste Zusters, Familie en Vrienden,
De moeilijke situatie waar we ons doorheen worstelen, blijft duren en is als een lange tocht doorheen een duistere nacht. We zijn overgeleverd aan een pandemie die moeilijk te beheersen is, we worden geconfronteerd met oncontroleerbare uitbraken van geweld en de menselijke waardigheid wordt overal in de wereld geschonden. In deze tijd hebben mensen, meer dan ooit behoefte aan hoop.
Kerstmis een uitnodiging om te leven met een hoopvol hart…
Kerstmis, een Blijde Boodschap: de verre God, door mensen gezocht sinds het begin der tijden, de onbekende God waarnaar, vandaag nog, zovelen op zoek zijn, is ons heel nabij gekomen in het pasgeboren kind in de kribbe. Zijn naam is Jezus: God redt, Emmanuel: God met ons, bron van alle hoop.
Met een hoopvol hart leven, is anders dan gewoon onze hoop stellen op iets of iemand. Die hoop heeft zijn grenzen en kan teleurstellen. Hoeveel teleurgestelde hoop heeft uiteindelijk geleid tot wanhoop, ellende, onrust, revoluties, geweld en tragedies ... Allerlei gebeurtenissen in elk van onze landen getuigen hiervan.
Met een hoopvol hart leven geeft diepe innerlijke kracht. De hoop die Christus in ons hart opwekt door zijn aanwezigheid, geeft ons de nodige sterkte om de ergste stormen te overwinnen. Die hoop stelt ons in staat, om in welke omstandigheid dan ook, standvastig te blijven in vertrouwen en geloof, bron van troost en van vreugde. Ze vult ons hart met vrede en sereniteit, zeker van Gods aanwezigheid in ons leven. Deze hoop groeit in het hart van ons vertrouwen in de Voorzienigheid van de Vader die zorg draagt voor ons en ons vraagt om op onze beurt zaaiers van hoop te zijn.
Toen paus Franciscus op een dag sprak over het belang van opvoeden tot een hoopvol leven, herinnerde hij eraan dat een hoopvol hart mensen in staat stelt mogelijkheden te openen en bruggen te bouwen, met andere woorden de wereld vooruit te helpen. Aan het einde van het eerste hoofdstuk van zijn encycliek Fratelli Tutti schrijft hij dat hoopvol leven durf vraagt, om verder te kijken dan het persoonlijk comfort, de kleine zekerheden en de compensaties die de horizon versmallen, om zich open te stellen voor grote idealen die het leven mooier en waardiger maken.”
Kerstmis, een uitnodiging om ons hart te openen
voor liefde en onderlinge verbondenheid…
“Door zijn menswording toont Jezus ons dat verlossing alleen mogelijk is waar er liefde, verwelkoming en respect is voor onze arme mensheid, die we allen delen in een grote verscheidenheid van etnische groepen, talen en culturen… maar allen zijn we broers en zusters in mensheid.”
Paus Franciscus 25 december 2018
Dankzij Jezus, de universele broeder, die bij ons kwam wonen, is voor ons geen enkel mens nog een vreemde. Hij leert ons hoe te leven in onderlinge liefde en wederzijdse verbondenheid, als broeders en zusters.
In het mysterie van onderlinge verbondenheid is openheid en ontvankelijkheid voor de gave van anderen heel belangrijk. Zonder deze houding bestaat het gevaar dat we in onze eigen inzet en dienstbaarheid onszelf zoeken en op zelfvoldoening uit zijn… Alleen wie in eenvoud kan ontvangen kan geven in nederigheid. Openheid en ontvankelijkheid maken ons geven en dienen zuiverder, omdat ze ons hart openen en ons aandachtig maken voor wat anderen voor ons willen en kunnen doen… Niet alleen “wat kan ik voor je doen?” maar ook “Wat zou jij graag voor mij doen?”, haar of zijn waarde erkennen en haar of hem de vreugde van geven en liefhebben te laten ervaren…
“We kunnen op drie manieren liefhebben: liefhebben uit behoefte, liefhebben in dienstbaarheid en liefhebben in wederzijdse waardering. Het is deze laatste wijze van liefhebben die leidt tot onderlinge verbondenheid, want elkaar waarderen bestaat uit geven en ontvangen – ik geef je mijn vertrouwen, ik onthaal en ontvang je zoals je bent en niet zoals ik wil dat je bent…” *
De volgende passage was voor mij een verrassende ontdekking omdat ze zo in tegenstelling is met wat wij aanvoelen als wij denken aan een staat van afhankelijkheid die ons met ouder worden te beurt kan vallen en waarin velen van ons zich al bevinden…
“Binnentreden in de logica van ‘openheid en ontvankelijkheid’ laat ons toe om geleidelijk aan te begrijpen dat er heel wat liefde kan schuilen in afhankelijkheid: niet enkel in het opdragen ervan maar in de afhankelijkheid zelf... Afhankelijkheid kan gezien worden als de zuiverste vorm van openheid en ontvankelijkheid, met alles wat dat vraagt aan overgave en vertrouwen…Laten we niet bang zijn om van anderen afhankelijk te zijn. Als onze benen ons niet meer toelaten te lopen, als ons geheugen ons in de steek laat, hebben we nog altijd een open, ontvankelijk en liefhebbend hart... Als we leven in onderlinge verbondenheid, dan zal de afhankelijkheid door ouderdom en ziekte ons niet overvallen, maar zal ze voor ons de wijze zijn om lief te hebben tot aan onze laatste ademtocht.” *
Het herkennen en aanvaarden van verscheidenheid is een weg naar onderlinge verbondenheid.
We houden niet spontaan van verscheidenheid. Zij dwarsboomt ons soms en vult ons met angst. In onze gemeenschappen leven wij met mensen die wij niet gekozen hebben, die de dingen niet altijd zien zoals wij ze zien, die niet op dezelfde manier redeneren en functioneren, verschillend zijn in opvoeding en vorming, mensen van verschillende generaties en nationaliteiten. De verscheidenheid, het anders zijn van anderen, brengt ons uit ons evenwicht in de mate dat zij onze eigen denk- en zienswijze in vraag stelt.
“We zijn geroepen diepgaand te leven, ergernissen, vooroordelen en overgevoeligheid te overstijgen en er bewust voor te kiezen om lief te hebben… Diepgaand leven is begrijpen dat men enkel zichzelf kan veranderen, is elke dag de oproep tot bekering ernstig nemen door te luisteren naar Hem die zachtmoedig en nederig van hart is. Diepgaand leven is ervan overtuigd zijn dat ‘absolute gelijkenis’ onvruchtbaar is. Alleen wederzijdse uitwisseling is creatief. Het ‘anders zijn’ is essentieel om onderlinge verbondenheid waar te maken en te beleven. Verwondering veronderstelt verscheidenheid. Laten we verder « naar de diepte » gaan, laten we elkaar echt verwelkomen en ons niet tevreden stellen met alleen maar een lokale schotel voor te bereiden op een verjaardag of een offerdans uit te voeren in onze liturgische vieringen.” *
Hoe kijken we naar elkaar? Hoe kijken we naar degenen die van elders komen ..., met een blik van waardering die hen uitnodigt om echt hun plaats in te nemen, op hun eigen manier en niet die van ons?
Al het delen van deze gedachten wil heel concreet aansluiten bij ons jaarthema: Zusters van de Voorzienigheid, maken we van onze gemeenschappen plaatsen waar we zusterlijk samenleven volgens het Evangelie om zo een profetisch teken te zijn in onze wereld van vandaag.
Aanschouwen we het kind Jezus in de kribbe. Hij kan ons hart vullen met hoop. Hij is de gave van de Vader die de waarde van elke persoon openbaart. Hij is een en al gave en ontvankelijkheid. Leren we van Hem de diepe verbondenheid met de Vader en met onze broeders en zusters. Mogen we dit jaar met Kerstmis diep ervaren dat elk van ons kostbaar is in de ogen van God welke ook onze afkomst, onze cultuur, onze taal en onze leeftijd moge zijn.
Moge de vreugde en de hoop van Kerstmis
ons vergezellen gedurende het nieuwe jaar.
Zuster Josette
* Uittreksels uit de toespraak « Experts en communion? » van Zr Marie Laetitia Youchtchenko OP/ à l’Assemblée de l’UISG 2016